Je loopt door de supermarkt en overal staat het: yoghurt "voor je weerstand", ontbijtgranen "met extra vezels" en drankjes "boordevol vitamine C en zink". Het klinkt allemaal als een gratis gezondheidsboost. Maar wat zit er nu écht in die producten, en wat is vooral een handige verpakkingstekst? Functionele voeding is een van de snelst groeiende trends in de supermarkt, en het is tijd om er kritisch naar te kijken.
Wat functionele voeding precies is
Functionele voeding is voeding waaraan iets is toegevoegd, of juist onttrokken, om je een extra gezondheidsvoordeel te geven bovenop de normale voedingswaarde. Denk aan yoghurt met probiotica voor je darmen, margarine met plantensterolen tegen een hoog cholesterol, of brood met extra vezels voor een betere stoelgang. Het Voedingscentrum gebruikt hiervoor de definitie dat het effect wetenschappelijk moet zijn aangetoond en dat het gaat om iets anders dan het gewone voedingseffect van het product.
Belangrijk is het onderscheid met simpelweg verrijkte producten. Margarine met vitamine A en D is geen functionele voeding, want die vitamines zitten erin om een tekort te voorkomen, niet om een extra effect te bereiken. Pas als een fabrikant een specifiek gezondheidseffect claimt, valt een product in de categorie functionele voeding.
Waarom het schap er ineens vol mee ligt
Darmgezondheid is dit jaar het gesprek van de supermarkt. Je las het al in ons artikel over de zoektocht naar de perfecte darmflora: consumenten leggen steeds vaker de link tussen een gezond microbioom en hun mentale welzijn. Fabrikanten spelen daar handig op in met producten vol probiotica, prebiotica en extra vezels. Diezelfde vezeltrend zag je terug in ons stuk over fibermaxxing.
Ook de nieuwe Schijf van Vijf speelt mee. Het Voedingscentrum verschoof dit voorjaar de aanbevelingen richting meer plantaardige eiwitten, en supermarkten haken daar meteen op in met verrijkte plantaardige alternatieven voor zuivel en vlees. Lees ook ons artikel over de nieuwe Schijf van Vijf als je wilt weten wat die verschuiving voor jouw boodschappenlijst betekent.
Het verschil tussen een claim en een gezond product
Hier wringt de schoen. Een voedingsclaim op de verpakking is geen garantie dat het product als geheel gezond is. Een koekje met toegevoegde calcium blijft een koekje met suiker en verzadigd vet. Een vitaminedrankje met vitamine C kan tegelijk flink wat suiker bevatten, terwijl je die vitamine C net zo goed uit een sinaasappel haalt.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) wijst er in zijn overzicht van verrijkte voedingsmiddelen op dat verrijking om verschillende redenen gebeurt: soms om een echt voedingsprobleem op te lossen, maar net zo vaak om marketingtechnische redenen. Fabrikanten hoeven claims bovendien niet vooraf te laten toetsen, zolang ze op de Europese lijst van goedgekeurde gezondheidsclaims staan. Dat betekent niet dat elke claim misleidend is, maar wel dat jij zelf moet blijven meedenken.
Eet je gevarieerd volgens de Schijf van Vijf, dan krijg je vrijwel altijd al genoeg vitamines en mineralen binnen. Extra veel van een stofje binnenkrijgen via een functioneel product betekent niet automatisch dat je fitter wordt of minder snel verkouden bent.
Neem het vitaminedrankje dat je bij de kassa ziet staan. Op het etiket staat vaak vetgedrukt hoeveel procent van je dagelijkse vitamine C of zink erin zit, maar de suikerhoeveelheid staat klein onderaan. Twee van deze drankjes per dag en je zit al snel aan een fors deel van je dagelijkse suikerbudget, terwijl een stuk fruit en een glas kraanwater je hetzelfde effect geven zonder de extra calorieën.
Zo lees je het etiket zonder je voor de gek te laten houden
Een paar vuistregels helpen je door het schap:
- Kijk eerst naar de ingrediëntenlijst, niet naar de claim op de voorkant. Staat suiker of een andere toegevoegde suiker bovenaan, dan draait het product niet echt om die vitamines.
- Check de Nutri-Score of voedingswaardetabel. Een hoge score op zout, verzadigd vet of suiker weegt zwaarder dan een claim over een enkele toegevoegde stof.
- Vraag jezelf af of je het probleem al oplost met gewone voeding. Vezels haal je net zo goed uit groente, fruit en volkoren producten als uit een verrijkte reep.
- Wees extra kritisch bij producten die zich richten op kinderen of ouderen, twee groepen waar fabrikanten vaak op inspelen met claims over weerstand of botten.
Dat wil niet zeggen dat functionele voeding waardeloos is. Margarine met plantensterolen heeft aantoonbaar effect op een verhoogd cholesterol, en verrijkte plantaardige zuivelalternatieven zijn een prima manier om toch voldoende calcium binnen te krijgen als je geen koemelk drinkt. Het punt is dat je het per product moet beoordelen, niet op basis van het woord "functioneel" op de verpakking.
Wat je morgen anders doet in de supermarkt
Loop je volgende week weer door het schap, draai dan het pak of flesje om voordat je het in je karretje legt. Een claim over vitamines of vezels is geen keurmerk voor gezond, het is een marketingtekst die soms klopt en soms vooral verkoopt. De basis blijft simpel: groente, fruit, volkoren producten en peulvruchten geven je vrijwel alles wat een functioneel product belooft, meestal zonder de toegevoegde suiker of het prijskaartje erbovenop.